Bsb en nulsituatie-bodemonderzoeken |
Bedrijven die vrijwillig aan een provinciale BSB-operatie (BodemSanering in gebruik zijnde Bedrijfsterreinen) meedoen door tekening van een deelnemersovereenkomst, verplichten zich tot het uitvoeren van o.a. een inventariserend bodemonderzoek. Ook worden bedrijven, die volgens een BSB-inventarisatie van (potentieel) verontreinigde bedrijfsterreinen urgentiescore 1 en 2 (van de 11) toegekend krijgen, actief door de BSB-stichting aangeschreven om vrijwillig een bodemonderzoek te laten uitvoeren. Deze keuze is gebaseerd op o.a. risicohoudende bedrijfsactiviteiten en gehanteerde milieugevaarlijke stoffen. De resultaten worden samengevat op een PR-3 formulier, waarmee de urgentiescore voor uitvoering van een nader onderzoek wordt bepaald. De resultaten van het nader onderzoek worden samengevat op een PR-4 formulier voor bepaling van de saneringsurgentie( score). Indien om uiteenlopende redenen verkennende bodemonderzoeken op één bedrijfsterrein moeten worden uitgevoerd (o.a. milieuvergunning en BSBoperatie), is éénmalig onderzoek via gecombineerd bodemonderzoek “Nulsituatie-BSB” gebruikelijk. In combinatie met aan-, verkoop of bouwvergunning wordt op betreffende percelen een NVN5740 onderzoek uitgevoerd.
Inventariserend bodemonderzoek Het inventariserend bodemonderzoek wordt uitgevoerd volgens het BSB-protocol “Inventariserend Onderzoek” en richt zich prim air op verontreinigingen die ontstaan zijn vòòr 1987. Het onderzoek begint met een historisch onderzoek naar voormalige risicohoudende bedrijfsactiviteiten, stoffen en locaties, waarvan de resultaten apart worden gerapporteerd in een stand aard ba sisdocument. Meestal wordt het basisdocument geïntegreerd in het eindrapport, waarin de onderzoeksstrategie, veldw erk e n de a nalys eres ultaten met interpretatie worden beschreven. De resultaten worden samengevat op een PR3-formulier voor de prioriteitsbepaling voor nader onderzoek.
Clusteronderzoek Indien het b edrijf op ee n industr ieterr ein is gelegen, kan met andere bedrijven in een gezam enlijk onderzoeksproject –eventueel via de lokale bedrijfsvereniging in samenw erking met de BSB- één basisdocument worden opgesteld. De uitvoering van dit geclusterde onderzoek is beschreven in het BSBprotocol “Clusteraanpak”. Een clusteraanpak heeft naast de mogelijkheid van gelijktijdige, grootschalige beoordeling van (potentiële) verontreinigingen op he t hele industrieter rein ook kostenvoordelen.
Nulsituatie-bodemonderzoek Bij aanvraag van een (revisie)vergunning (Wet milieubeheer of spec ifieke AMvB) is nulsituatiebodemonderzoek voorgeschreven. Het nulsituatiebodemonderzo ek bep erkt zich tot die locaties waar potentieel bodemverontreinigde bedrijfsactiviteiten plaatsvinden en tot die stoffen die op die locaties worden toegepast of opgeslagen. Het onderzoek is bedoeld voor vastle gging van een m ilieuhyg ienisch refe rentie kad er va n de b odem op die locaties, waar risicovolle bedrijfsactiviteiten en/of bodembedreigende situaties gaan plaatsvinden: de bodem kan bij afgifte van de milieuvergunning re eds (licht) vero ntreinigd zijn. Bij toekom stig herhalingsonderzoek kan vastgesteld word en of de vergunde activiteiten en/of stoffen de bodem (aanvullend) hebben verontreinigd. De risicohoudende locaties worden onderzocht volgens de “verdachte strategie” van de NVN-5740 of het protocol “nulsituatie-BSB”.
BSB/nulsituatie combi-onderzoek Als gelijktijdig sprake is van deelname aan het bodemonderzoekstraject van de BSB en een nulsituatie-onderzoeksverplichting voor de milieuvergunning, kan met een eenmalige inspanning beide onderzoek en gecom bineerd worden. De bodem wordt onderzocht volgens het combi-protocol “Milieuvergunning en BSB”: bes taan de bodem vero ntrein igingen worden in kaart gebracht, waarbij tevens referentieniveau’s worden vastgelegd voor de toekomstig risicohoudende bedrijfslocaties.
|