Energieprestatie van een gebouw (EPC) |
In het kader van bewust omgaan met energie heeft de overheid zowel voor woningbouw als voor de utiliteitsbouw normeringen aangelegd voor het energiegebruik. De energieprestatie van woningen en utiliteitsgebouwen wordt vastgelegd in een ééngetalsnorm, de energieprestatiecoëfficiënt (EPC), die samengesteld wordt uit de eigenschappen van de isolatie, het verwarmings- en luchtbehandelingssysteem, het al dan niet toepassen van zonne-energie en het gebruik maken van passieve energie door een gunstige situering van de woning
Het berekenen en toetsen van de energieprestatiecoëfficiënt kan plaatsvinden na het uitwerken van een bouwplan, maar zal in de toekomst steeds vaker ingepast dienen te worden in de voorontwerpfase: aanscherping van de normen leidt vaak tot ingrijpende maatregelen, waarmee reeds in de ontwerpfase rekening gehouden dient te worden. Globaal kan gesteld worden, dat tot 1998 met traditioneel gebouwde woningen, met de gangbare voorzieningen (spouwisolatie, HR-glas en een HR-verwarmingsinstallatie), redelijk kon worden volstaan.
Met ingang van 2007 heeft een verdere aanscherping van de norm plaatsgevonden die tot fundamentele veranderingen in de woningbouw heeft geleid (EPC <= 0,8 voor woningen): het gebruik van alternatieve energiebronnen, gebalanceerde ventilatie en speciale glassoorten, tezamen met een gunstige situering van woningen is veelal noodzakelijk. DvL Milieu & Techniek berekent, adviseert en begeleidt complete pakketten, die ook voldoen aan de eisen van de milieuwetgeving, de arbo-richtlijnen en de richtlijnen van de brandweer.
|