DvL Milieu & Techniek
                                                                                     Raadgevende Ingenieurs 

DvL Milieu & Techniek 
postbus 10047 
6000 GA  WEERT 
t.  +31 (0)495 535 884 
f.  +31 (0)495 450 313 
e.               info@dvl.nl 

Nieuws

Zoeken
Zoekopdracht
Zoek

Industriele lawaaibestrijding

Geluidshinder is in ons land een belangrijk en omvangrijk probleem geworden. Vanwege de economische groei en de daardoor toenemende mobiliteit komt de leefomgeving van ons allen onder druk te staan. De overheid handhaaft (vaak uit noodzaak) steeds meer de normen teneinde de overlast door geluidshinder zoveel mogelijk tegen te gaan en te beperken. Alle ‘lawaaimakers’ worden hiermee dagelijks geconfronteerd. Industrieterreinen en woongebieden groeien naar elkaar toe wat tot een grotere noodzaak van beheersing leidt.

Geluidsonderzoeken in het kader van de Wet milieubeheer
Met de Wet milieubeheer heeft de overheid een instrument in handen om aan iedere inrichting voorwaarden op te leggen opdat haar exploitatie het milieu zo min mogelijk belast. Industriële inrichtingen moeten ondermeer aan strenge vergunningsvoorschriften voldoen om de geluidsoverlast tengevolge van de activiteiten in en de transportbewegingen naar de inrichting, te beperken. Via akoestische onderzoeken dienen ze aan te tonen, dat afdoende maatregelen ter voorkoming van geluidsoverlast op organisatorische, bouwkundige of andere geluidreducerende wijze zijn genomen.

Als normen voor de geluidproductie van een bedrijf gelden de gemiddelde waarde LAeq, waarin naast de intensiteit van de geluidsdruk ook de duur ervan meespeelt en de Lmax, die kenmerkend is voor de piekniveaus. Als toetsingskader voor het toegestane geluidsniveau ter plaatse van geluidgevoelige bestemmingen zoals woningen, dient het referentieniveau van het omgevingslawaai, dat door metingen of berekeningen wordt bepaald. Bij de afweging tot een milieuvergunning dient de overheid hiervan kennis te hebben.

Rond industrieterreinen kan een zonering hebben plaatsgevonden, waarbij de maximale geluidsruimte op een dergelijk terrein is vastgelegd.

De overheid dient de vastgestelde geluidzones rond industrieterreinen te beheren, wat betekent, dat de zonebeheerder niet alleen de 50 dB(A)-zonecontour in acht moet nemen bij het beschikken op milieuvergunningen, maar ook dat hij over informatie dient te beschikken, hoeveel geluidsruimte er nog voor vestiging van nieuwe bedrijvigheden binnen een zone beschikbaar is.